Gepost door Jelmer Riemersma op 08 september, 2011
XBW review: Bodycount
Het is september, en dus begint het op het gebied van uit te komen games alweer iets drukker te worden. Dat betekent dat sommige titels op moeten vallen, willen ze niet ondergesneeuwd raken. Een van die games is Bodycount, een shooter ontwikkeld door het team dat jaren geleden Black op de markt bracht. Bodycount zou de spirituele opvolger van Black moeten zijn, maar is het zeer zeker niet. Daarvoor is de game veel te onafgewerkt.

Houd je van games met een intrigerend en diep verhaal, dan is Bodycount bij voorbaat al een titel die je maar beter kunt laten liggen. Je neemt de controle over Jackson, een voormalig soldaat die onderdeel uitmaakt van een organisatie genaamd ‘The Network’. Met Jackson moet je het opnemen tegen een netwerk dat de naam ‘The Target’ draagt. Het verhaal komt al niet spannend over en wordt ook niet op een boeiende manier gepresenteerd. Voor iedere missie krijg je een briefing met wat tekst te verwerken, waarna je aan het begin en tijdens missies af en toe de stem van een vrouw hoort welke alles nog wat toelicht. De korte tussenfilmpjes, die ook vrijwel niet actievol of spannend zijn, maken het verhaal er ook niet beter op.
Skillshots
Nee, in Bodycount draait het vooral, of vrijwel alleen, om het vermoorden van vijanden. Blaas tegenstanders zonder genade te hebben naar achteren met je shotgun, schiet op een olievat om snel korte metten met troepen te maken of schiet ze door het hoofd. Er is zat ammunitie in de game aanwezig en dus hoef je niet al te voorzichtig te zijn wat betreft het richten. Alhoewel, als je ‘skillshots’ maakt, door vijanden bijvoorbeeld van achteren te doden of een einde aan hun leven maakt door een granaat voor hun voeten te gooien, krijg je punten die aan het eind van ieder level tot een totaalscore leiden. Precies richten is in eerste instantie even wennen, aangezien Bodycount een nogal apart richtsysteem kent. Zoom je in met je wapen, dan is de bedoeling dat je vanuit een schuinaanzicht met behulp van een crosshair schiet, en dus niet via het wapen zelf.
Bodycount is op het gebied van skillshots nogal streng; maak geen skillshot meer en de ‘skillshot chain’ die je opbouwt wordt gereset. Zo wordt je eigenlijk gepusht om voorzichtig te werk te gaan, terwijl het in Bodycount juist veel meer om lekker knallen draait. Het is overduidelijk dat twee verschillende ideeën hier met elkaar botsen. En het wordt erger, want al snel kom je erachter dat het behalen van een zo hoog mogelijke score je helemaal niets oplevert. Ja, een plaats op de Leaderboards. Een enorme dooddoener die maakt dat je het hele principe van skillshots al snel vergeet en je gewoon maar weer op het snelle schietwerk gaat richten.
Repetitief
Naast het vermoorden van tegenstanders zou het ook mogelijk moeten zijn om omgevingen helemaal aan gort te knallen, maar ook hier stelt Bodycount teleur. Afgezien van bepaalde stukken muur en cover is er niet eens zo bijster veel te vernietigen. Met het uitkomen van games als Bad Company 2, waarin echt vrijwel alles kapot te maken is, stelt Bodycount hier weinig voor. En dan voelen de levels in Bodycount, die zich in Afrika en Azië afspelen, ook nog eens repetitief aan. Zo doe je een mijn- en een bunkerlevel meerdere keren aan. Waarom niet wat meer variatie? Hetzelfde geldt voor de missiedoelen die je voorgeschoteld krijgt. Maak dat afweergeschut onklaar, vermoord die persoon. Ook hier weinig verrassingen. Een klein pluspuntje is dat sommige levels in ieder geval nog ietwat open aanvoelen, doordat je je een weg door verschillende gebouwen kunt banen, al moet je uiteindelijk toch wel de route volgen die de game wil dat je volgt. In de bunkerlevels bijvoorbeeld wordt je bewegingsvrijheid al een stuk meer beperkt.
Vaardigheden
Bodycount probeert wat meer speelplezier op te wekken door een viertal speciale vaardigheden te introduceren, welke je vrijspeelt naarmate je verder in de game komt. Zo is er ‘Adrenaline’, waarmee je onsterfelijk wordt, ‘Explosive Bullets’, waarmee kogels meer schade aanrichten en kun je een bepaald gebied laten bestoken met een luchtaanval. Om de vaardigheden te kunnen gebruiken heb je ‘intel’ nodig, dat je krijgt via blauwe orbs die tegenstanders achterlaten nadat je ze hebt gedood. De vaardigheden zijn net als de beschikbare wapens nogal standaard en niet bijster origineel. Bovendien krijg je ook nooit het gevoel dat je de vaardigheden echt nodig hebt. Ja, behalve de keren dat de game je dwingt ze te gebruiken; tijdens twee bossfights tegen dezelfde ‘Nemesis’.
Deze Nemesis weet je wel te vinden, maar tijdens het spelen van Bodycount ontkom je niet aan de indruk dat de AI van de tegenstanders nogal slecht is. Vijanden staan soms recht voor je zonder ook maar een kogel op je af te vuren of, wat veel vaker voorkomt, rennen als een kip zonder kop jouw kant op zonder dekking te zoeken. Het komt zelfs voor dat tegenstanders zichzelf van het leven weten te beroven met hun eigen wapen. Gratis intel voor de speler, maar of je van zo’n situatie nu vrolijk wordt? Gelukkig zijn tegenstanders in de bunkerlevels een slag sterker en kost het in ieder geval wat meer tijd om ze uit de weg te ruimen. Maar ook zij hadden wel wat slimmer kunnen zijn.
Multiplayer
De singleplayer, waarmee je zo’n zes uurtjes zoet bent, voelt op meerdere fronten onaf aan. Datzelfde geldt voor de multiplayer. Bodycount kent de standaard Deathmatch en Team Deatchmatch, waarin maximaal twaalf spelers het tegen elkaar opnemen, evenals een coöperatieve modus waarin je samen met iemand anders meerdere waves aan vijanden moet zien te overleven. Ook hier speelt het principe van intel verzamelen en het gebruik maken van speciale vaardigheden en het in beperkte mate van vernietigen van de omgeving een rol, maar verder had er ook in de multiplayer zoveel meer gezeten. Waarom maar vier maps? Waarom maar maximaal twee spelers in de coöperatieve modus? En twee competitieve modi zijn tegenwoordig ook wel erg weinig.
Conclusie
De makers van Bodycount hebben bij het ontwikkelen van de game inspiratie gehaald uit titels waarin ideeën op een goede manier uitgewerkt werden, maar dit heeft bij Bodycount niet goed uitgepakt. Het voelt alsof de game niet af is, er had veel en veel meer ingezeten. Een slap verhaal, een repetitieve singleplayer en een magere multiplayer maken van Bodycount een game die de volle prijs niet waard is.
|
- Knallen, knallen en nog eens knallen
|
- Slap, ongeïnspireerd verhaal
- Weinig kapot te maken
- Skillshots niet belonend
- Slechte AI tegenstanders
- Repetitieve levels en doelen
|
|
 Slecht |
De makers van Bodycount hebben bij het ontwikkelen van de game inspiratie gehaald uit titels waarin ideeën op een goede manier uitgewerkt werden, maar dit heeft bij Bodycount niet goed uitgepakt. Het voelt alsof de game niet af is, er had veel en veel meer ingezeten. Een slap verhaal, een repetitieve singleplayer en een magere multiplayer maken van Bodycount een game die de volle prijs niet waard is. |
|
0 lezer reviews voor deze titel
|
Had na 3 minuten spelen van demo al door dat dit een flop ging worden.